Insights

Werknemers die door de oorlog in het Midden-Oosten niet terug naar Nederland kunnen reizen: moet de werkgever loon doorbetalen?

Intro

Schuilende (bekende) Nederlanders in parkeergarages in Dubai: het zijn beelden op het nieuws die u waarschijnlijk niet zijn ontgaan. Op 28 februari 2026 vielen de Verenigde Staten en Israël Iran aan en kort daarna is het luchtruim in delen van de regio grotendeels gesloten en worden slechts enkele vluchten toegelaten.

Veel Nederlanders zitten momenteel vast in de regio en kunnen niet naar huis. Er valt een parallel te trekken met de coronaperiode, waarbij werknemers plotseling niet meer op hun werk konden verschijnen omdat zij door besmetting of gesloten landsgrenzen in het buitenland zaten en niet op het werk konden verschijnen. De discussie over de loonbetalingsplicht dient zich daarmee opnieuw aan.

In dit artikel wordt kort uiteengezet hoe hiermee kan worden omgegaan. Daarnaast wordt stilgestaan bij de huidige stand van zaken rondom het wetsvoorstel Wet personeelsbehoud bij crisis (Wpc).

Juridisch kader

Sinds 2020 geldt als hoofdregel dat loon moet worden doorbetaald, ook wanneer de werknemer niet werkt. Alleen wanneer het niet-werken in redelijkheid voor rekening van de werknemer behoort te komen, vervalt die loonbetalingsverplichting. De kernvraag is dus in wiens risicosfeer de verhindering om te werken overwegend ligt.

Tijdens de coronapandemie maakte rechters onderscheid tussen twee situaties. Werknemers die onverwacht in het buitenland vast kwamen te zitten behielden in beginsel hun recht op loon. Reisde een werknemer naar een land waarvoor al een negatief reisadvies gold, werd aangenomen dat de werknemer een verhoogd risico nam en lag het loonrisico doorgaans bij de werknemer.

Deze benadering ligt ook in de huidige situatie voor de hand. Voor zover werknemers in landen verblijven (zoals de Verenigde Arabische Emiraten of Qatar), waar het reisadvies verslechterde nadat zij daar al waren, ligt het loonrisico in beginsel bij de werkgever. Dat kan anders zijn voor werknemers die zijn afgereisd naar landen waarvoor al een negatief reisadvies gold, zoals Iran.

Of ook de rechtspraak in deze nieuwe situatie tot deze risicoverdeling zal komen, valt op dit moment niet te zeggen.

Wat kan je als werkgever doen?

De werkgever kan nagaan of de werknemer (tijdelijk) op afstand werkzaamheden kan verrichten, of op zijn minst telefonisch of digitaal bereikbaar kan blijven voor het werk. Daarnaast kunnen werkgever en werknemer in onderling overleg afspraken maken, bijvoorbeeld over een combinatie van loonbetaling en het opnemen van (on)betaald verlof.

Dergelijke afspraken kunnen bijdragen aan een redelijke verdeling van de gevolgen van deze uitzonderlijke situatie.

Gevolgen oorlog op de lange termijn

Als de gevolgen verstrekkender zijn voor werkgevers kan een organisatie in zwaar weer terechtkomen.

De gevolgen kunnen mogelijk worden beperkt wanneer uitvoering wordt gegeven aan het wetsvoorstel Wet personeelsbehoud bij crisis (Wpc). De daarin opgenomen regeling kan bij uitzonderlijke situaties, zoals een oorlog, door de Minister van SZW worden geactiveerd als gedurende een maand sprake is van een gemiddeld verlies van ten minste 20% aan arbeidscapaciteit over twee maanden, binnen het bedrijf van één of meerdere werkgevers.

Werkgevers kunnen in dat geval tijdelijke steun krijgen wanneer zij te maken krijgen met een plotseling en aanzienlijk verlies aan werk dat buiten het normale ondernemersrisico valt. De regeling kan maximaal zes maanden worden toegepast.

De (voorgestelde) regeling bevat twee belangrijke instrumenten. Ten eerste kunnen werknemers tijdelijk andere passende werkzaamheden binnen de organisatie verrichten, terwijl hun loon volledig wordt doorbetaald. Daarnaast wordt gedeeltelijke loondoorbetaling met loonsubsidie mogelijk: over niet-gewerkte uren betaalt de werkgever 90% van het loon, terwijl een deel van de loonkosten via een subsidie van het UWV kan worden gecompenseerd. Op die manier worden de financiële gevolgen van een crisis verdeeld over werkgever, werknemer en de overheid.

De Raad van State heeft op 9 februari 2026 advies uitgebracht over het wetsvoorstel. Hoewel de noodzaak van ondersteuning bij crises wordt onderschreven, plaatst de Raad vraagtekens bij de geschiktheid van de regeling voor grootschalige crises. Het wetsvoorstel ligt daarom nog niet bij de Tweede Kamer en het is onzeker wanneer en in welke vorm de regeling zal worden ingevoerd.

Slot

De ontstane situatie in het Midden-Oosten kan arbeidsrechtelijke vragen oproepen.

Vooralsnog ligt het voor de hand om voor wat betreft het loonrisico aan te sluiten bij de lijn uit de coronaperiode: wanneer werknemers onverwacht in het buitenland vast komen te zitten, blijft de loonbetalingsplicht in beginsel bestaan. Dat kan anders liggen wanneer werknemers bewust naar een risicogebied reizen, of wanneer de oorlog op een gegeven moment ook economische gevolgen krijgt voor een onderneming.

Mocht u naar aanleiding van dit artikel vragen hebben, dan staan wij u uiteraard graag te woord.

Linn Wolfert

Published On: 25 maart 2026

Deel dit bericht

Stel direct een vraag