Insights
Wéér een nieuwe ZZP-wet?
Het kabinet-Jetten heeft aangekondigd de in te voeren Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (hierna: VBAR) te willen wijzigen. Opvallend, maar geen complete verrassing. Hoewel het wetsvoorstel al is aangenomen door de Tweede Kamer, werd in het coalitieakkoord van 30 januari 2026 aangekondigd dat de coalitie de VBAR niet zag als (afdoende) antwoord op de zzp-problematiek. In het akkoord werd gezinspeeld op een combinatie van de VBAR en de Zelfstandigenwet. De precieze vorm van deze combinatie was tot voor kort onduidelijk.
De belangrijkste wijziging is het schrappen van het deel uit de VBAR dat het beoordelingskader voor het kwalificeren van de arbeidsrelatie moest verduidelijken. Daarvoor in de plaats wil het kabinet zo snel mogelijk de Zelfstandigenwet invoeren. De Zelfstandigenwet wordt dan gecombineerd met het rechtsvermoeden uit de VBAR.
Behoefte aan duidelijkheid
Minister Thierry Aartsen van werk en participatie (VVD) bevestigt dat de arbeidsmarkt behoefte heeft aan duidelijkheid. De vraag is hoe wéér een nieuw wetsvoorstel de beoogde duidelijkheid ten goede komt.
Voornaamste kritiek op de VBAR was dat deze onvoldoende rekening zou houden met het ondernemerschap van de werker. Het is de bedoeling dat het beoordelingskader uit de Zelfstandigenwet deze kritiek wegneemt. In het beoordelingskader uit de Zelfstandigenwet wordt namelijk eerst beoordeeld of de werker als zelfstandige kan worden aangemerkt. Daarvoor wordt vooral gekeken naar de mate van ondernemerschap van de werker.
De invoer van de ‘gemixte’ wetsvoorstellen zal overigens op zich laten wachten, aangezien de tekst van de nieuwe wet nog niet bekend is.
Om de meest kwetsbare groep werkenden alvast een helpende hand te bieden wil de minister zo snel mogelijk het rechtsvermoeden invoeren. Dat houdt in dat wanneer de werker minder dan EUR 38 per uur verdient, hij op basis van het rechtsvermoeden kan stellen dat hij zijn werkzaamheden verricht op basis van een arbeidsovereenkomst. Het is vervolgens aan de werkverschaffer om dit rechtsvermoeden te weerleggen. Het is de bedoeling dat het rechtsvermoeden begin volgend jaar (2027) wordt ingevoerd.
Of het nieuwe wetsvoorstel daadwerkelijk voor voldoende duidelijkheid gaat zorgen is afwachten. Wij houden u uiteraard op de hoogte.
