Insights

Raad van State kritisch op beperking compensatieregeling transitievergoeding

In juni dit jaar (2025) heeft het kabinet de Raad van State om advies gevraagd over het wetsvoorstel ‘beperking van de compensatieregeling transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid tot kleine werkgevers’ (hierna: wetsvoorstel). Zie hierover ons eerdere artikel.

Wetsvoorstel in het kort
Bij een beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid, heeft de werknemer recht op de wettelijke transitievergoeding. Vanaf 1 april 2020 kunnen werkgevers compensatie voor deze transitievergoeding van het UWV ontvangen (tot de hoogte berekend op het moment waarop de 104-weken termijn is verstreken). Het wetsvoorstel beoogt deze compensatiemogelijkheid te beperken tot kleine werkgevers. Voor de definitie ‘kleine werkgever’ wordt aangesloten bij de financieringssystematiek van het arbeidsongeschiktheidsstelsel: het gaat om een werkgever met een loonsom tot en met 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer per kalenderjaar (o.b.v. loongegevens van twee jaar eerder). Grote werkgevers zouden voortaan geen aanspraak meer maken op deze compensatie. Deze maatregel zou moeten leiden tot een structurele besparing van circa €380 miljoen.

Advies Raad van State
De Raad van State is kritisch over dit wetsvoorstel en adviseert het wetsvoorstel niet in te dienen bij de Tweede Kamer, tenzij het wordt aangepast.

Heroverweging afschaffen transitievergoeding voor langdurige arbeidsongeschikten
Het belangrijkste bezwaar van de Raad van State is dat het wetsvoorstel vooral budgettair is ingegeven en dat een fundamentele belangenafweging ontbreekt tussen de kwetsbare positie van de langdurig arbeidsongeschikte werknemer enerzijds en de toch al zware verplichtingen van werkgevers bij ziekte anderzijds.

Als gevolg van het wetsvoorstel zullen namelijk in circa 80% van de gevallen de kosten van de transitievergoeding weer voor rekening komen van de werkgever. Dit terwijl de werkgever bij langdurige arbeidsongeschiktheid al twee jaar het loon moet doorbetalen en de re-integratie van de zieke werknemer moet bevorderen. Deze bezwaren voor werkgevers vormden de aanleiding om destijds de compensatieregeling in het leven te roepen. Bij het afschaffen daarvan spelen deze bezwaren weer op.

In deze belangenafweging moet worden meegenomen dat de transitievergoeding bij langdurige ziekte vaak slechts het karakter heeft van een “extraatje”, omdat de werkgever al twee jaar loon doorbetaalt en re-integratie inspanningen levert en werknemers (daarna) vaak terugvallen op WIA en een transitie naar een nieuwe baan vaak niet of beperkt aan de orde is. Daarnaast verhoogt het wetsvoorstel het risico dat vaste contracten voor werkgevers duurder en onaantrekkelijker worden, wat flexibilisering juist in de hand kan werken.

De Raad van State adviseert tegen die achtergrond om de verplichte transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid geheel af te schaffen. Dit kan een oplossing bieden voor de hogere werkgeverslasten bij langdurige ziekte en een incentive aan werkgevers geven om weer vaste dienstverbanden aan te gaan. Ook zou dit de compensatieregeling overbodig maken, waarmee de veelheid en complexiteit van regelgeving kan worden teruggedrongen.

Overige bezwaren
De Raad van State noemt nog andere bezwaren tegen het wetsvoorstel:

  1. Risico op terugkeer slapende dienstverbanden: werkgevers die niet langer in aanmerking komen voor compensatie, zullen mogelijk weer kiezen voor het in stand houden van ‘slapende dienstverbanden’. De compensatieregeling maakte juist een einde aan de praktijk van slapende dienstverbanden. In de rechtspraak is immers uitgemaakt dat de compensatieregeling met zich meebrengt dat werkgevers op grond van het goed werkgeverschap moeten instemmen met een voorstel van een werknemer om een ‘slapend dienstverband’ te beëindigen onder toekenning van de transitievergoeding (zgn. Xella-norm). Als de compensatiemogelijkheid nu weer (grotendeels) verdwijnt, dan speelt deze problematiek weer op en zal dit tot nieuwe discussies en rechtszaken leiden.
  2. Conflictgevoeligheid: de compensatieregeling wordt als gevolg van dit wetsvoorstel conflictgevoelig: de kwalificatie als kleine of middelgrote werkgever betekent immers een verschil tussen wel of geen recht op compensatie. Er zal daardoor naar verwachting een toename zijn in bezwaarprocedures tegen de kwalificatie door de Belastingdienst, vooral als werkgevers zich qua omvang in het grensgebied bevinden (tussen klein en middelgroot).

Of het wetsvoorstel (in zijn huidige vorm) daadwerkelijk wordt doorgezet, is gelet op het advies van de Raad van State dus nog onzeker. Wel staat vast dat de discussie over transitievergoedingen bij langdurige arbeidsongeschiktheid voorlopig nog niet voorbij is.

Heeft u vragen over ontslag bij langdurige arbeidsongeschiktheid, de transitievergoeding of het vermijden van andere juridische valkuilen in dat verband? Neem gerust contact op met ons arbeidsrechtteam. Wij denken graag met u mee over de beste aanpak in uw situatie.

Thomas van der Toorn

Published On: 9 oktober 2025

Deel dit bericht

Stel direct een vraag