Insights
Prinsjesdag 2026: uitstel afschaffing compensatie transitievergoeding
Prinsjesdag 2026: uitstel afschaffing compensatie transitievergoeding
Uit ‘gelekte’ Prinsjesdagstukken volgt dat het afschaffen van de compensatieregeling (wat zou betekenen dat de transitievergoeding bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid niet langer wordt gecompenseerd), wordt uitgesteld tot 1 januari 2028. Dit betekent dat werkgevers in 2027 onder voorwaarden nog steeds compensatie kunnen aanvragen voor de transitievergoeding bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens twee jaar ziekte.
Wat houdt de compensatieregeling in?
In het geval van een zieke werknemer vervalt het opzegverbod in principe na twee jaar loondoorbetaling (tenzij het UWV een loonsanctie oplegt, waardoor deze periode met max. 52 weken wordt verlengd). De arbeidsovereenkomst kan dan worden opgezegd (na voorafgaande toestemming van het UWV) en de werkgever is dan de wettelijke beëindigingsvergoeding (transitievergoeding) verschuldigd. Deze verplichting werkt in de hand dat werkgevers een zogenaamd slapend dienstverband aanhielden. De werknemer wordt in dienst gehouden, er is geen loon verschuldigd en de transitievergoeding behoeft niet te worden uitbetaald. Als reactie op dit (onwenselijke) effect kwam in 2020 de wettelijke compensatieregeling tot stand. Op basis hiervan krijgt de werkgever de transitievergoeding onder voorwaarden gecompenseerd door het UWV wanneer een arbeidsovereenkomst na langdurige arbeidsongeschiktheid wordt opgezegd. Op deze manier kwam het financiële belang van de werkgever bij het in stand houden van het slapende dienstverband te vervallen. Deze compensatieregeling bracht vervolgens met zich mee dat in de rechtspraak de zogenaamde Xella-norm is ontwikkeld: de werkgever is op grond van het beginsel van goed werkgeverschap verplicht om in te stemmen met een verzoek van werknemer om een ‘slapend dienstverband’ te beëindigen onder toekenning van de transitievergoeding. Als de compensatiemogelijkheid verdwijnt (nu dus gepland vanaf januari 2028), terwijl dit de basis vormt voor de Xella-norm, is het de vraag of deze norm van toepassing zal blijven.
Achtergrond van de wijziging
In 2024 kwam de regering-Schoof met het voorstel de compensatie voor de transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid te beperken tot kleine werkgevers. Werkgevers met een loonsom van meer dan 25 keer het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer per kalenderjaar zouden niet meer gecompenseerd worden. Het doel hiervan was om structureel kosten te besparen. De regeling zou in het oorspronkelijke voorstel per 1 juli 2026 ingaan. De Raad van State was kritisch op dit wetsvoorstel en gaf in overweging om de verplichte transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid voor alle werkgevers af te schaffen (zie hierover ons eerdere artikel). In dat scenario zou de transitievergoeding dus in het geheel niet meer verschuldigd zijn bij langdurig zieken. Het kabinet-Jetten heeft het (bekritiseerde) wetsvoorstel uitgesteld tot 1 januari 2027. In het coalitieakkoord was opgenomen dat per 1 januari 2028 de compensatieregeling volledig zou worden afgeschaft. Overigens zonder de verplichting om de transitievergoeding te moeten betalen af te schaffen, die blijft verschuldigd.
Wijziging naar volledige afschaffing
Op 2 juni 2026 heeft minister Vijlbrief het wetsvoorstel ingediend om per 1 januari 2027 de compensatieregeling voor alle werkgevers af te schaffen. Het kabinet is van mening dat het onwenselijk is om de regeling eerst te beperken om vervolgens af te schaffen. Dit zou onnodige lasten voor het UWV met zich meebrengen. De trajecten zouden daarom worden samengevoegd en de compensatieregeling zou per 1 januari 2027 in zijn geheel worden afgeschaft. Ondertussen werkt het kabinet ook aan een hervorming van de transitievergoeding. In het coalitieakkoord is onder andere afgesproken dat werkgevers die zich maximaal hebben ingezet voor de re-integratie van een werknemer helemaal geen of een lagere verplichting zouden hebben tot betaling van de transitievergoeding. Deze hervorming bevindt zich echter nog in de voorbereidende fase en heeft vooralsnog niet geleid tot een concreet wetsvoorstel.
Wat betekent dit voor u als werkgever?
In de gelekte Prinsjesdagstukken lijkt de afschaffing van de compensatieregeling met een jaar te worden uitgesteld. Dit zou werkgevers een jaar langer de tijd geven om de transitievergoeding nog gecompenseerd te krijgen. Bovendien heeft de regering een jaar extra de tijd om te beoordelen wat de gevolgen van de gewijzigde regelgeving zijn voor de zogenaamde Xella-norm. Mogelijk wordt de afschaffing van de compensatieregeling samengevoegd met de hervorming van de transitievergoeding. Op Prinsjesdag (15 september 2026) krijgen we hierover hopelijk meer duidelijkheid. Wij houden u in elk geval op de hoogte van de verdere ontwikkelingen.
Heeft u te maken met langdurige arbeidsongeschiktheid of slapende dienstverbanden? Wij denken graag met u mee over de gevolgen van de voorgenomen wijzigingen voor uw organisatie.
